| Het vervolg
van de Zimbabwe-Botswana-Namibië-reis (zomer 2000).
Namibië, dl
1.
|
|
|
Woensdag 28 juni.
Een lange rijdag, 850
km! Een omweg voor onze veiligheid. Het plan was om ten noorden langs de
Okavangodelta te gaan en dan zo via de Caprivistrook uiteindelijk bij het
Etoshapark in Namibië terecht te komen. Deze strook grenst aan Angola en van
daaruit schijnen er regelmatig roofovervallen plaats te vinden door grote,
zwaarbewapende bendes! Om dit te vermijden moeten we nu echter via de zuidkant
van ’t Okavangomoeras via Maun en Windhoek naar Etosha en dat betekent in
totaal een omweg van 800 km, een extra reisdag dus. Onderweg zien we nog wel
wat wild: kudu’s, wrattenzwijnen. Steeds hoofdweg, nauwelijks verkeer, geen
steden of dorpen, dus topsnelheid is gemiddelde snelheid!
|
![]() |
| We gaan de grens met Namibië over en moeten de klok
nu een uur terug zetten, dus een uur voordeel op zo’n lange rit. In de omgeving
van Windhoek slaan we onze tenten op. We merken nu meteen hoe Duits het hier
nog is: op de camping is een café, aangeduid als "Bierstube" met
robuuste meubels en naast de Afrikaanse schilden en speren een Beierse
koekoeksklok! De eigenaar is dan ook van oorsprong Duits. De camping is heel
netjes met allemaal vakken zoals we nog niet eerder gezien hadden; het lijkt
dan ook meer op ’n camping in ’t Sauerland dan waar dan ook in Afrika!
Eigenlijk heel grappig!
Omdat de klok is terug
gezet wordt ‘t nog vroeger donker: om kwart voor zes is ’t echt helemaal
donker. ’t Is koud hier op deze hoogte (+ 2500 m) en we kruipen dan ook met ’t
eten dicht om het kampvuur achter de truck; gezellig is ’t maar knap fris! Daarna
wordt in de Bierstube nog doorgezakt met Bruce, Peter, Pieternel en Liesbeth en
wel meer op z’n Duits. De heren drinken pullen bier, de dames apfelkorn tot ze
advokaat aangeboden krijgen van eigen makelij: een mengsel van pure alcohol met
(wat) water, eidooier en suiker! ’t Is blijkbaar lekker, maar dat ’t knap sterk
is wordt later ook duidelijk!
Donderdag 29 juni.
Ook nu weer ’n flinke
reisdag van Windhoek naar ‘t Etosha Park in ’t noorden van Namibië. Het
landschap is voor ’n groot deel hetzelfde als gisteren: vlak, savanne-achtig
met wat lage begroeiing. Meestal is er een afrastering om het spaarzame rundvee
op de plaats te houden; dit is echter zo ruim dat volgens mijn schatting de
percelen wel vier-, vijfhonderd hectare groot zijn! De bedrijven tellen dan ook
niet zelden wel 10.000 ha!
In Etosha zien we
meteen al ’t eerste wild: bij ’n waterpoel giraffes, koedoes en veel
springbokken die, zoals we zullen zien, hier bijna voorkomen als konijnen in de
duinen! In Namutomi, ‘n camping in het park, zetten we eerst de tenten op maar dan zitten we aan Radio Nederland Wereldomroep gekluisterd: Oranje-Italië. ’t Is buitengemeen spannend en na de verlenging, na de beslissende strafschoppen komt Italië als winnaar uit de bus: afgelopen, uit…! De spanning is er nu af, de rust kan nu weerkeren en we kunnen het gewone programma afwerken!
|
|
|
|
|
|
|
Vrijdag 30 juni.
’t Lijkt bijna eentonig
te worden, maar het tegendeel is waar: een gamedrive om half zeven, bij
zonsopgang, het tijdstip dat het hek van ’t park opengaat. Het is
onvoorstelbaar wat ’n hoeveelheid wild we hier te zien krijgen! Waar je maar
kijkt zie je meestal wel springbokken. Grote kuddes gnoes zien we, koedoes,
giraffes, impala’s, oryxen, zebra’s en wrattenzwijnen. Het landschap is
gestoffeerd met acacia’s en vaak onafzienbare vlakten dor gras. ‘n Grote
leegte, denk je, maar door de kijker zie je ineens dat er toch leven is:
springbokken vooral en gnoes! Vogels zien we ook: enkele struisvogels, de
grote trap; verder arenden, vooral de slangenarend. Het is spectaculair en
doet de kou van ’s morgens weer direct vergeten! Om tien uur is er een
heerlijk ontbijt voorbereid door Peter: bacon and scrambled eggs!
Daarna wordt ’t warm;
enkelen van de groep gaan naar ’t zwembad, ik besluit te gaan schrijven en
trek me terug onder ’t afdak bij de waterpoel. De poel ligt net buiten de
omheining en de toeschouwers zitten er net binnen: de omgekeerde dierentuin!
Hier in Etosha zijn deze bij de campsites aangelegd om zo het wild te
"lokken". Ook verder in ’t park zijn die te vinden: het wild in de
omgeving blijft in de buurt van het water en zo kan ook de minst ervaren gids
wel wat beesten vinden!
’s Nachts is het
verlicht maar gisteravond was nou niet direct een succes: ’n enkele springbok
en meer niet. Maar nu overdag, tegen de verwachting in, komen er veel
verschillende dieren voorbij: ’n kudde van dertig zebra’s, tientallen
springbokken, oryxen, nog weer ‘s zebra’s met ‘n vijfentwintig gnoes en twee
maraboes die de zebra’s en de gnoes wegjagen met hun gefladder. Grappig is
een paartje wrattenzwijnen dat steeds maar heen weer loopt te knorren: híj
ruikt dat zíj ongeveer berig is, maar zíj vindt de tijd nog niet helemaal rijp
en loopt telkens net weg: een heel gejaag en dat tijdens het drinken!
’s Middags om twee
uur weer ’n gamedrive. Pieternel en Liesbeth Jr. gaan niet mee en zullen daar
spijt van krijgen! Want wat we zien is niet mis: het "gewone" als
koedoes, springbokken natuurklijk maar bij ’n zoutpan ineens een kopje boven
’t gras: remmen en terug: ’t blijkt ’n cheetah, héél bijzonder! Op ’t eind van de rit gaan we naar ’n drinkpoel. Mensen staan al te kijken. Eerst zien we wat klein wild, dan ontwaren we waar deze mensen eigenlijk naar staan te kijken: ’n luipaard dat rustig op de kant ligt!
|
|
Etosha savanne |
|
|
Etosha drinkpoelen |
|
|
Etosha |
|
|
Wrattenzwijnen |
|
|
Olifant en luipaard |
|
Olifant |
Dan komt er van links
uit de struiken ineens een olifant tevoorschijn een eindje erachter nóg een
paar en dan al snel een hele kudde van zo’n veertig stuks, groot en klein,
baby-olifantjes zelfs! Het luipaard ligt er nog steeds tot een grote olifant
het welletjes vindt, erop af gaat, een keer trompettert en weg is het
roofdier. Bruce vertelt later dat ze op zich geen olifanten zullen aanvallen
maar dat bijvoorbeeld leeuwen van een wat afgezonderd jong olifantje de hielpees
doorbijten, het diertje vervolgens gewoon laten liggen tot de kudde in arren
moede is vertrokken en hem dan soldaat maken. Het is dus niet gek dat
olifanten niet zo op rovers gesteld zijn!
Dan komt op de
achtergrond uit de schemer ’n neushoorn aangelopen maar blijft op eerbiedige
afstand staan tot hij aan de beurt is. De olifanten blijven nog wat bij het
water, de kleintjes drinken bij hun moeders, de moedrs drinken uit de poel en
wij, wij vertrekken zachtjes want ook wij krijgen honger.
’n Onvergetelijke dag
met ’n hele reeks hoogtepunten!
Zaterdag 1 juli.
Half zeven:
gamedrive. We gaan weer wat poelen af. Bij de eerste poel zien we al direct
twee leeuwen rustig liggen, waarschijnlijk uitbuiken van de nachtelijke
maaltijd. De springbokken blijven op verstandige afstand en er gebeurt dus
ook niets. Een jakhals doet nog ’n paar extra stappen richting ’n stel
parelhoenders, maar wist al van te voren dat het niets zou worden en loopt
dan dus ook gewoon door.
Onderweg zien we
verder nog een kudde olifanten, ’n zwarte neushoorn zelfs, op één plek vell
gieren wachtend op hun beurt om bij ’n kadaver aan te schikken.
’n Topper is de grote
zoutvlakte, 4700 km2 in het park van 23.000 km2. ’n
Enorme indrukwekkende vlakte van niets, geen water, geen begroeiing, geen
oneffenheden, niets. Op bepaalde plaatsen luchtspiegelingen, maar ook dát is
weer niets! Verder oneindigheid, eindeloosheid!
Bij de camping van
Okaukuejo is een waterhole. We gaan er even kijken en al gauw verschijnt er
een neushoorn. ’n Minuut of vijf later gevolgd door ’n olifant waar de rhino
protesterend voor op de vlucht gaat.
We eten soms bij de
truck maar ook regelmatig "uit", vaak in de vorm van ’n buffet met
verschillende soorten wild zoals oryx, koedoe of impala. Vooral vanavond heel
lekker klaargemaakt. Zondag 2 juli.
’s Morgens de laatste
gamedrive in het Etosha Park en ook van deze reis. Hoogtepunt worden twee
leeuwen, ’n mannetje met ’n mooie manenkop en ’n wijfje; verder struisvogels
die op de zoutvlakte lopen waar, dacht ik, toch niets te vinden was?
In ’t lange gras
ontwaren we in de verte nog een cheetah of "wij": er staan een bus
en een aantal auto’s, dus er móét iets te zien zijn!
Na ’t opbreken van
het kamp rijden we eerst ’n aantal uren zuidwest, richting Twijfelfontein.
Onderweg brengen we
ook een bezoek aan een versteend woud: schots en scheef liggen de stukken
versteende stammen (of stukken daarvan), 250 miljoen jaar geleden daar
naartoe gedreven en later
als steen
omhooggestuwd.
Daartussen groeien de
bizarre welwitschia’s, ’n plant die allen hier voorkomt, in ’t Afrikaans: tweeblaarkanniedood. De plant heeft inderdaad twee bladeren en kan leven van alleen de dauw op
de bladeren, die deels ogenomen wordt door het blad en deels op de grond valt
en zo bij de wortels komt. Ze kunnen inderdaad bijna "niedood" want
er zijn exemplaren bekend van tweeduizend jaar oud!
Verder dan, naar de
camping bij Twijfelfontein. We komen echt in de bergen; ’t is een prachtig
landschap, knap droog maar mooi ruig en woest!
Op de heel eenvoudige
camping, die aan een stofdroge rivierbedding ligt, kunnen we douchen in een
douche zonder dak (oftewel bladerdak), rietmat eromheen, douchekop en kranen
aan de boom vastgemaakt, heel origineel! Het toilet is ook zo: achter een
rietmat, een touwtje voor de ingang betekent: bezet!
’s Avonds ’n speciaal
door Bruce gemaakt traditioneel gerecht, genaamd "potjekos", ’n
eenpansgerecht van kip en rundvlees met aardappelen, groenten, kruiden enz.
en maar sudderen! Eet smakelijk!
|
|
Olifant |
|
|
In de zoutpan |
|
|
Fatamorgana
|
|
|
Spiesbokken |
|
|
Zwarte neushoorn |
|
|
Welwitschia |
|
|
|
|
|
Reacties/commentaar graag in m'n brievenbus:
Naar:
Namibië, dl. 2.
Terug
naar:
Overzicht.
|
|