Mali 2004

Mali dl 1.

Bamako - Sikasso - Sévaré

 

 

Zaterdag 03 jan.

Rustig vertrek van thuis om 8.00 u per treintaxi, trein in Doetinchem, alles stipt, zodat ik veel tijd om te lummelen heb op Schiphol: 13.30 u vertrekt het vliegtuig en via een snelle overstap in Parijs komen we om ongeveer 8.45 u aan in Bamako, de hoofdstad van Mali.

Bernadette wacht ons al op en herkent me zowaar van m,n website. Ze zal dat ook wel even nagekeken hebben i.v.m. onze raakvlakken met bijen waarover later meer. 

Op het dakterras van 't hotel krijgen we een kennismakingsdrankje, een briefing, geld wordt gewisseld, we maken al wat kennis en zo raken we al wat gewend.

 

 

 Bijendag

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zondag 04 jan.

Bernadette wist van m'n interesse voor bijen en heeft dan ook naar een imker in de buurt geïnformeerd. 

Om half elf was er afgesproken en per lokaal stadsbusje reisden we er naar toe. Een belevenis op zich: zo'n busje zit harstikke vol, men sjouwt vanalles mee, van naaimachines en stoelen tot kippen toe! 

 

Mamadou bleek niet direct een imker te zijn maar iemand die de bijenhouderij promootte en de honing en de was opkocht, verwerkte en her en der in winkels aan de man bracht. Eerst vertelde hij  uitgebreid en zeer gedreven over het stimuleren van de bijenhouderij, dat tot zijn grote droefenis nog steeds op veel zeer goede drachtplaatsen geen volken geplaatst waren, gewoon omdat de mensen bang waren voor bijen. Niet zo vreemd trouwens: de Afrikaanse bij is wel iets sneller geprikkeld dan de in Europa bekende soorten! 

Hij wordt ook "Docteur Abeille" genoemd want hij maakt medicijnen van was, kruiden en honing. Hij vermeldt terloops dat het zeer goed voor vastzittende gewrichten is maar ook een heilzame werking t.a.v. de potentie van de man heeft en staaft dit met de opmerking dat madame er zeer over te spreken was! 

Dan toont hij hoe een tamarindehoning wordt bereid: een wasbol tamarindepeulen zeven dagen in honing laten trekken en klaar is kees! Ik heb de honing meegekregen en thuis, 3 weken later dus, de peulen eruit gevist: ik moet zeggen, het is een "zware" honing!

Er is maar één soort honing hier: "miel du terroir" maar Mr. Mamadou 

wil dat graag met voorlichting veranderen zodat men vaker gaat oogsten en dus ook van verschillende drachten kan oogsten. 

 

Dan zullen we per motorfiets de bijen gaan opzoeken. Eén moment geduld nog; ik wacht, en wacht, krijg eten aangeboden: rijst, vlees met pindasaus, lekker wel, en wacht weer. Dan is Mr. en z'n motor klaar en reizen we af. We gaan eerst naar enkele winkels om mij te laten zien en meteen honing te bezorgen. We rijden door de landerijen en hij toont me verschillende traditionele korven: kokervormig, soms een uitgeholde boomstam, soms gevlochten van riet en soms zelfs een oude ijzeren bus! Ook echter zijn hier de verbeterde Keniase kasten te vinden: trapeziumvormig, langwerpig, met deksel, 'n echte verbetering vindt Mamadou.

 

Het imkeren gaat hier toch wel heel anders dan bij ons: men plaatst een kast ergens, geeft 'm met kruiden en rook 'n lekkere geur mee en wacht dan tot er 'n zwerm invliegt! Ook dít is een bedrijfsmethode! 

 

Op de terugweg gaan we bij zijn dorp langs. Hier is hij geboren en getogen en iedereen kent hem dan ook. Ik wordt denk ik wel een keer of 25 voorgesteld: blijkbaar is hij best wel trots een Nederlander te mogen rondleiden. 't Is trouwens een heel traditioneel dorp: eenvoudige leembouw, stoffige weggetjes, mooie vrouwen en veel kinderen! Z'n trots hier is trouwens dat hij ook hier nog een huisje met groentetuin heeft. Hij komt er blijkbaar regelmatig om de planten te begieten hoewel hij dat ook wel uitbesteed aan een buurjongen (zoals nu) voor een paar "grijpstuiver". 

 

Tot slot zet hij me om een uur of vijf af bij het hotel en bedank ik hem met een bijdrage voor z'n kinderen én natuurlijk zijn "project" en we nemen afscheid (denk ik!).

We hebben een goede maaltijd met lokale muziek, niet door iedereen evenveel gewaardeerd, maar wel karakteristiek! Dan ineens Bernadette: Dick, bezoek! En daar is mr. Docteur Abeille: mét een paar flesjes honing, 'n pot tamarindehoning en 'n potje medicinale zalf! Ik heb echt het gevoel dat ik bij hem niet meer kapot kan! 

Het is ook voor mij een prachtige afsluiting van een zeer geslaagde dag: sommigen menen zelfs dat deze eerste ook al wel eens de mooiste dag van de reis voor mij zou kunnen zijn. Ik hoop het eigenlijk niet want er moet toch 'n zekere opbouw inzitten! 

We zullen zien!

 

 

Omgeving Sikasso

 

 

 

 

 

 

 

Maandag 5 jan.

Vandaag reizen we naar Sikasso 'n grote stad in 't zuiden. Hoe verder we naar het zuiden rijden, hoe groener het wordt: hoe verder naar het zuiden, hoe meer neerslag. Er is hier ook rijstteelt. Onderweg stoppen we bij een dorp waar, zeg maar, Baobab kennis aan heeft. Er wordt, zo is de afspraak, een gemeenschappelijke bijdrage aan het dorp gegeven en daarvoor mogen wij vrijelijk rondlopen en fotograferen zonder dat we iedere keer weer om een fooi gevraagd worden. Een prima werkwijze die nog regelmatig herhaald zal worden!

 

Het is een zeer traditioneel dorp. Lemen hutten en graanopslagplaatsen (ook van leem) iets van de grond tegen vocht en ongedierte. Vrouwen zijn druk met het stampen van graan en ik zie zelfs een imker met lege bijenkorven op z'n dak. 

 

De lunchstop doen we in een klein dorpje langs de weg. Vlakbij is blijkbaar een abattoir: 'n aantal slagers verkopen er hun schapenvlees, in de buitenlucht, met vliegen en al! Altijd weer even wennen: in onze ogen lijkt het onhygiënisch. De dieren zijn echter 's morgens geslacht, het vlees wordt in de loop van de dag verkocht en is 's avonds in de kookpot verdwenen zodat het maar heel kort aan feitelijk bederf onderhevig is. Maar toch!

 

Na aankomst in het hotel rukken we nog weer uit voor een bezoek aan een cultplek: een grot in een soort kopje, een plotseling opdoemend rotsmassief. Heel interessant: er woont een "gek" in, ook vleermuizen, er is een animistische offerplaats en het is een islamitisch pelgrimsoord. We wringen ons door de heel nauwe spleten: best wel spannend en tot slot beklimmen we de rots (met moeite!) voor het mooie uitzicht!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

N'gorodougou en de watervallen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dinsdag 6 januari.

's Ochtends bezoeken we N'gorodougou, een traditioneel Sénoufoudorp. De Senoufou zijn zeer bezig met geesten: alles heeft in hun beleving een geest; dientengevolge geloven ze ook in veel boze geesten die met allerlei magie moeten worden geweerd. Om de stad, zelfs om de ring akkers is een lemen muur gebouwd om de muzelmannen tegen te houden. Deze muur begaf het niet met regen: met magische spreuken bereikte men dat de regen net vóór de muur ophield en erna weer begon: daarom staan nu ook na een paar honderd jaar nog grote delen ervan! 

De islamitische veroveraars hebben ze weten te keren, een spion en twee franse kanonnen waren teveel! Hoewel de islam nu ook hier wel is doorgedrongen zijn toch veel oude waarden blijven bestaan.

 

Direct meldt zich al een jongen van een jaar of twaalf met een aardappel bij me om uit te leggen hoe ze poten (ruikt zeker dat ik een collega-teler ben). Hij wist erop dat je vooral op moet passen dat bij het in vieren snijden er op elk stuk minstens één oog zit! Héél juist! 

 

'n Jochie van 'n jaar of vijf loopt met me mee door het dorp, naar de wasplaats en naar de akkers. Men verbouwt hier veel groenten en aardappels in dit seizoen, gevolgd door rijst in het natte seizoen. De kinderen zien er met reden dan ook gezond uit! 

De akkers worden met de hand geïrrigeerd vanuit putten die soms maar 7 á 8 m van elkaar liggen. Men hoeft dan niet te lopen om het water toch overal met een brede zwaai over het gewas te gooien. Bijzonder arbeidsintensief maar erg doeltreffend!

 

's Middags is er voor de liefhebbers een tochtje naar de watervallen van Farako. Onderweg stoppen we nog even bij de enige theeplantage van importantie in Mali: 100 ha groot, heel mooi groen. Tijdens de pluk werken hier wel 800 mensen!

De watervallen staan, tegen de verwachting in, nog niet droog. Mooie plek, aardig om een heel door de bedding te wandelen. Er zijn akkers langs de rivier, gemakkelijk voor de bevloeiing. Ik maak 'n praatje mét ( en 'n foto ván) een boer die aan het aardappels poten is op veldjes van ± 2 x 2 m; op veldjes ernaast staan ze er al boven, zien er goed uit en dat beduid ik ook. Hij wijst me dan op de tomaten: "malade". Het lijkt inderdaad op bladrol en daar kan ik hem ook niet in adviseren. Interessante ontmoetingen zijn dat!

's Avonds is er een band ingehuurd met moderne Afrikaanse (Malinese) muziek en wordt de groep, soms tegen wil en dank, bij de dans betrokken! 't Is een sfeer die je echt moet opsnuiven om er deel van uit te maken. Niet iedereen is er over te spreken en sommigen zijn ook moe: de één na de ander haakt af en tenslotte zijn Bernadette en ik nog de enigen met een negen-koppige band voor ons alleen! Leuk tóch?

 

Naar Sévaré

Woensdag 7 jan. 

De reis naar Sévaré is lang. In Kimparana maken we nog een stop voor een schitterende markt: veelkleurig, fotogeniek; de mensen doen gemakkelijk over het fotograferen gelukkig! Soms wat lacherig om de blijkbaar zeldzame witte mensen!

 

 We bezoeken ook het dorp Kasadougou, een "ongerept" Bobo-dorp. Mooi zijn de vele lemen graansilo's. Iedere stam heeft weer z'n eigen vorm: hier zijn ze vierkant.

Voor het dorp ligt een groot meer waar veel leem bij gewonnen wordt: er worden heel veel stenen gemaakt: gevormd en zongedroogd, niét gebakken!

Dan gaat het door naar Mopti, oftewel onze pleisterplaats Sévaré.

 

Verder naar:  Mali deel 2

 

Terug naar:   Malimenu

 

Terug naar:  Inhoud Reisbelevenissen